Wat zegt het AREI over uw zekeringskast?
AREI staat voor Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties: de Belgische regelgeving waaraan elke elektrische installatie moet voldoen. Sinds 1 juni 2020 geldt een volledig herwerkte versie, opgedeeld in boeken — voor woningen is vooral Boek 1 (laagspanning) van belang.
U hoeft het AREI niet te kennen; daarvoor hebt u een elektricien en controleert een erkend organisme. Maar wie de logica achter de regels begrijpt, begrijpt ook meteen waaróm een keurder over bepaalde punten valt. Dit artikel zet de regels die uw zekeringskast raken op een rij.
Wat is het AREI precies?
Het AREI legt de minimumveiligheid vast voor elektrische installaties in België: hoe kringen beveiligd moeten worden, welke bescherming mensen tegen elektrocutie moet behoeden, hoe de aarding hoort te werken en welke documenten bij een installatie horen.
Belangrijk om te weten: het reglement evolueert, maar bestaande installaties moeten niet bij elke wijziging meteen herbouwd worden. De lat ligt telkens op keuringsmomenten: bij nieuwbouw, bij belangrijke wijzigingen of uitbreidingen, bij een verzwaring, bij verkoop en bij de periodieke controle. Dáár wordt getoetst — en dan komt de zekeringskast steevast in beeld, want daar komt letterlijk alles samen.
De AREI-punten die uw zekeringskast rechtstreeks raken
- Differentieelbescherming: een algemene differentieel (300 mA) aan het begin van de installatie, aangevuld met 30 mA-bescherming voor onder meer badkamers en natte toepassingen
- Correcte kalibrering: het kaliber van elke zekering of automaat moet passen bij de doorsnede van de kring die hij beveiligt
- Aarding: een meetbare aardverbinding, met aardingsonderbreker en equipotentiaalverbindingen
- Scheiding en bediening: de installatie moet veilig uitgeschakeld kunnen worden; de kast hoort bereikbaar te zijn
- Identificatie: kringen moeten aangeduid zijn — de labels in de kast zijn geen decoratie maar een vereiste
- Documentatie: actuele eendraad- en situatieschema's die overeenstemmen met de werkelijkheid
Waarom de keurder altijd eerst naar de kast kijkt
Wanneer wordt gekeurd?
- 1
Bij een nieuwe installatie
Vóór de ingebruikname keurt een erkend controleorganisme de volledige installatie, schema's inbegrepen.
- 2
Bij uitbreiding of belangrijke wijziging
Ook een uitbreiding — extra kringen, een nieuwe kast, een laadpaal — moet gekeurd worden vóór ze in gebruik gaat.
- 3
Bij verzwaring van de aansluiting
Gaat u bijvoorbeeld van monofase naar driefase, dan hoort daar een keuring van de installatie bij.
- 4
Bij verkoop van een woning
Voor woningen met een oudere installatie zonder geldig keuringsverslag wordt bij verkoop een keuring uitgevoerd. Is het resultaat negatief, dan brengt de koper de installatie binnen de wettelijke termijn (18 maanden na de akte) in orde.
- 5
Periodiek, om de 25 jaar
Een goedgekeurde huishoudelijke installatie moet om de 25 jaar opnieuw gecontroleerd worden. De vervaldatum staat op uw laatste verslag.
Wie keurt — en wie herstelt?
De keuring zelf is het exclusieve terrein van erkende controleorganismen: onafhankelijke instellingen die door de overheid erkend zijn. Geen enkele elektricien — ook wij niet — mag zijn eigen werk officieel keuren, en dat is een gezonde regel.
Onze rol ligt ervoor en erna: wij bouwen en herstellen installaties zó dat ze de controle vlot doorstaan, we maken de schema's, we bereiden het dossier voor en als het organisme toch opmerkingen heeft, lossen wij die op. Voorbereiden, begeleiden en herstellen dus — keuren doet de keurder.
Wat betekent dit praktisch voor u?
- Plan werken aan de kast altijd mét het keuringsmoment in gedachten — dat voorkomt dubbel werk
- Bewaar uw keuringsverslag en schema's bij de kast; ze horen bij de woning
- Verkoopplannen? Laat de installatie vooraf nakijken in plaats van de keuring af te wachten
- Twijfel over een oude kast? De periodieke 25-jaargrens is een goede aanleiding om te moderniseren